Het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind en de rechtspraak: een kwestie van tijd, aandacht en lef
In deze Miek de Langenlezing 2026 spreekt Mariska Baaij, kinderrechter bij Rechtbank Den Haag, over het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind en de rechtspraak. Baaij spreekt onder meer over de noodzaak kinderrechten beter te beschermen in rechtszaken over bijvoorbeeld uithuisuitzettingen en toegang tot basisvoorzieningen, zoals drinkwater.
Het vierde onderzoek van het CCRA naar de toepassing van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) in de Nederlandse rechtspraak laat zien dat het IVRK ruim 30 jaar na de inwerkingtreding steeds meer voet aan de grond krijgt in de rechtspraak en dat er geen weg terug meer is. Dat geldt niet alleen voor het familie- en jeugdrecht, maar ook voor de rechtsgebieden daarbuiten. Denk bijvoorbeeld aan de uitspraak van het Hof Den Haag in de waterzaak en de recente antwoorden op de prejudiciële vragen van de Hoge Raad in een huurzaak. Dat is goed nieuws natuurlijk. Duidelijk is echter ook dat het een kwestie van een lange adem is en dat het IVRK in een aantal rechtsgebieden een nog vrijwel onontgonnen terrein is. Er moet veel meer oog komen voor de rol en de rechten van kinderen in procedures. Wat is daarvoor nodig?
Over de Miek de Langen-lezing
Deze jaarlijks terugkerende lezing is opgedragen aan Miek de Langen. Zij was hoogleraar Jeugdrecht aan de Universiteit van Amsterdam (1976-1992) en oprichtster van de Kinderrechtswinkel (1985).